Ronde 3: Infosessies jaarcongres Relevant 2017


3A - PGS15 in de praktijk

Mijntje Pikaar, Peutz
Paula Bohlander, NEN

Wanneer is een situatie gelijkwaardig? Is PGS 15 praktisch genoeg? Op basis van diverse praktijksituaties en geaccepteerd maatwerk worden aspecten van een gelijkwaardig brandveiligheidsniveau besproken en toegelicht.

De afgelopen jaren is er sprake van verscherpt toezicht op de praktische uitvoering van brandcompartimenten zoals bedoeld in PGS 15. Een brandcompartiment volgens PGS 15 kent aanvullende eisen ten aanzien van een compartiment als gedefinieerd in het Bouwbesluit.

Buiten het feit dat een doorvoer niet goed is afgewerkt of het dak van het naastgelegen brandcompartiment bij brand wordt meegetrokken, kan ook het feit van verscherpte normen en richtlijnen (denk hierbij aan NEN 6068) een knelpunt vormen. Het klakkeloos verwijzen in een nieuwe vergunning naar een nieuwe versie van PGS 15 kan betekenen dat een bestaande opslagvoorziening ineens niet meer voldoet. Maar ook in het kader van afstanden of stoffenscheiding kan gelijkwaardigheid op het gebied van brandveiligheid worden onderbouwd.

In een afsluitende discussie wordt besproken hoe PGS 15 kan verbeteren om de toepassing in de praktijk gemakkelijker te maken. Ligt de oplossing in het ontwikkeling van een digitale tool?


3B - Een plan: in gevecht of in gesprek?

Arie-Jan Arbouw, Ministerie van Infrastructuur en Milieu
Tonia Nagtegaal, Ministerie van Infrastructuur en Milieu

De Omgevingswet wil ontwikkelingen mogelijk maken. Van ‘het kan niet’ naar ‘zo kan het wel’. Dit betekent dat partijen met elkaar in gesprek moeten om samen tot een oplossing te komen. Denk aan de initiatiefnemer, bedrijven, blije of juist bezorgde burgers, veiligheidsregio’s, omgevingsdiensten, waterschappen, de GGD, de cultuurhistorische vereniging en Staatsbosbeheer. Er zit ook spanning tussen economische belangen, de woningbouwopgave, veiligheid, infrastructuur, verkeer en gezondheid.

Maar hoe werkt dat nou? Hoe ga je van toetsen achteraf naar meedenken aan het begin van het proces? Welke vaardigheden en afspraken zijn daar voor nodig? Wordt het een strijd tussen de verschillende belangen of "komen we er samen wel uit?" In deze actieve sessie wordt aan de hand van voorbeelden ingegaan op de cultuurverandering en de gesprekstafels die er straks zullen zijn.


3C - Handboek Omgevingsveiligheid, specifiek bouwkundige maatregelen

Jeroen Eskens, Antea Group Nederland
Susan Eggink-Eilander, Antea Group Nederland

Omgevingsveiligheid is geen rekentool, handleiding of toverboek. Omgevingsveiligheid is ook niet tastbaar, hoorbaar of zichtbaar. Wanneer we het begrip beschouwen als een diamant, dan zien we veel facetten. Onderwerpen die allemaal bijdragen aan veiligheid. Sommige zijn abstract, andere zijn concreet. Sommige zijn procesmatig, andere uitvoerend.

Bouwkundige maatregelen zijn concreet. Echter, het vinden van de juiste materialen voor een specifieke situatie blijkt een grote uitdaging. En zo zijn bouwkundige maatregelen dus ook abstract.

Kwaliteit komt samen in de details van de uitvoering. Dit gaat verder dan bouwtechniek. Het vraagt kennis, kunde en het accepteren van beperkingen van zowel de kant van de leveranciers als de bouwers. Dit geldt zeker wanneer het gaat om beschikbaarheid van passende materialen waarbij de toetsende instanties moeten oordelen over oplossingen die niet certificeerbaar zijn.

Deze lezing neemt u mee langs de mogelijkheden, de beperkingen en de uitdagingen van bouwkundige maatregelen.


3D - Robuust Basisnet

Monique Berrevoets, Antea Group Nederland
Vincent van der Vlies, Berenschot

Sinds twee jaar is het Basisnet operationeel. Hoe robuust is het net in de praktijk? Wat werkt goed en wat kan beter? Wat leren wij van twee jaar Basisnet?

De sessie wordt verzorgd door de kennistafel Basisnet.


3E - SafetyDeals, de regeling

Erik ter Avest, RVO - Rijksdienst voor Ondernemend Nederland
Folkert van der Meulen, NPAL - Noordelijke ProductiviteitsAlliantie

Beleid wint aan effectiviteit indien het niet alleen op normen en handhaving is gebaseerd, maar ook op eigen initiatief en samenwerking. Het is dan ook van belang om inspanningen van het bedrijfsleven gericht op het verbeteren van de veiligheidscultuur en –prestaties te stimuleren. Om die reden is de subsidieregeling Versterking Omgevingsveiligheid BRZO-sector opgezet. De informatiesessie gaat in op achtergrond, aanleiding en beleidsoverwegingen van de regeling. Verder is er aandacht voor de uitvoering, waarbij ook ervaringen tot dusver worden betrokken.


3F - Kernwaarden voor een veilige leefomgeving

Menno de Jonge, Veiligheidsregio Groningen
Michel Baars, Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

Het doel van de Omgevingswet is het bereiken van een gezonde en veilige leefomgeving. De veiligheidsregio’s vinden het belangrijk dat hier in de omgevingsvisie al aandacht voor is en hebben daarom ‘kernwaarden voor een veilig leefomgeving’ opgesteld. Deze kernwaarden moeten gemeenten en provincies helpen bij het ontwikkelen van een integrale omgevingsvisie, waar dus ook aandacht is voor veiligheid en gezondheid. Deze sessie presenteert de uitkomsten.


3G - Hoe maken we omgevingsveiligheid 'smart'?

Jan-Willem Wesselink, Future City Foundation
Barry van 't Padje, Brandweer Amsterdam-Amstelland

Onze steden veranderen momenteel in rap tempo in ‘smart cities’. Steeds meer onderdelen van de stad genereren data die kan worden gebruikt om plannen te maken, te verbeteren en uit te voeren. Binnen de ‘smart city’ is immers alles met elkaar verbonden. Dat genereert grote kansen voor omgevingsveiligheid. Via internet zijn veel preciezer veiligheidscontouren te plannen, terwijl bij een incident veel nauwkeuriger kan worden ingegrepen.

Tijdens deze sessie leert u hoe u door middel van big data en internet de omgevingsveiligheid kunt verbeteren. Daarnaast krijgt u een beeld van de ontwikkelingen en de mogelijke toekomstscenario’s, met veel ruimte voor discussie. Daarbij is er ook aandacht voor wat er kan en wat mogelijk zou moeten zijn.


3H - Dilemma’s bij bouwen nabij risicobronnen

Jan-Willem van Wijngen, DPA
Koen van der Nat, Peutz

Wet- en regelgeving stelt diverse eisen aan het bouwen nabij risicobronnen om te komen tot een ‘veilige’ situatie. Met de introductie van ‘plasbrand’-aandachtsgebieden schuift een afweging omtrent het veilig bouwen deels op naar de concrete bouwaanvraag. Dit betekent dat er dan vaak een verkenning nodig is naar de mogelijkheden om op een andere manier een gelijkwaardig veiligheidsniveau te realiseren. Waar liggen hier de grenzen? Aan de hand van enkele praktijkcasussen wordt inzicht gegeven in de dilemma's die hierbij een rol spelen. Ook wordt ingegaan op de toekomstige mogelijkheden voor het onderbouwen van gelijkwaardigheid

Terug naar programma